Previous (left) Next (right) Back (history)
Herman Meijer

Mijn verhaal.

Ergens in het jaar 1941. Buiten spookt het. Het is oorlog. De bezetter is duidelijk aanwezig. Heerlijk toch, om dat alles even de rug toe te keren om even intiem samen te zijn! Dat is kennelijk geslaagd, want op 17 juni 1942 werd er een kindje geboren, in doeken gewikkeld en op een bromfiets gezet.


Het zou zo gegaan kunnen zijn, maar het ging toch iets anders.

Ik was een jaar of 12. Voordat ik ‘s morgens naar school ging, ging ik heel vaak even langs bij de bakkerij in de buurt. De bakker had toen al twee bromfietsen van het merk Kaptein Mobylette. Dat was in die tijd heel vooruitstrevend. Wat ik me hiervan kan herinneren is, dat alleen de schoolmeester van de vierde klas een bromfiets had. Dat was een Mosquito.

Die motor had hij los gekocht en die kon je onder een fiets bouwen.

Kaptein Mobylette.

Anekdotes #top

Behaalde resultaten. 1963 - 1975

1964   Junior kampioen.                      50 cc.

1966   Nationaal Kampioen.                 50 cc.

1971   Vierde  Wereld kampioenschap  50 cc.

    18   Eerste   plaatsen.

    24   Tweede plaatsen.

    19   Derde    plaatsen.

    28   Vierde   plaatsen.

Anekdotes

En een lijstje van het wereldkampioenschap der constructeurs 1973.


Het begon op een morgen bij de bakkerij. “Ik heb een probleem”, zei oom Willem, de bakker. Hij was niet mijn oom, maar bij ons was het de gewoonte, dat elke oudere met “oom” of “tante” werd aangesproken. “Wat is het probleem”, vroeg ik. Hij antwoordde: “Ik heb vorige week één van mijn bromfietsen weggebracht naar de fietsenmaker in Almen. Die bromfiets is klaar, ik kan hem zaterdagmorgen ophalen, maar ik heb niemand die met mij mee kan gaan om op die bromfiets terug te rijden. Wil jij dat doen? Je bent nog niet oud genoeg om erop te mogen rijden, maar dat komt wel goed. We rijden binnendoor, je weet wel, langs TROS.

Almen lag zo’n 12  kilometer verderop. Bromfietszaken waren er nauwelijks in de buurt. TROS wist ik te vinden.  

Die zaterdagmorgen gingen wij op pad. Ik bij hem achterop op de Kaptein Mobylette. Dat was op zich al een hele belevenis! Met 45 km/h gingen wij richting Almen. Daar aangekomen begon het feest, ik mocht terugrijden.           
Er werd mij uitgelegd hoe het ongeveer werkte met de choke, en ik moest vooral niet vergeten de kleplichter te gebruiken. Oom Willem voorop, ik er achteraan. En het lukte! Tjonge jonge, wat was dat spannend!
Ik, Herman, op een bromfiets, eerst heel langzaam maar het ging steeds sneller. Oom Willem zag dat het me goed afging. Steeds sneller en sneller over de zandwegen. De rit duurde veel te kort, ik had de hele dag wel door willen rijden, maar ook aan leuke dingen komt een eind.

Ik denk dat dit de basis was van hoe mijn verdere leven zich zou ontvouwen. Natuurlijk had ik al veel met fietsen geprutst en gecrost en daarmee bekers gewonnen, maar de bromfiets was toch het ultieme gebeuren in mijn leven.

Wat wilde het geval? Een maand later gaf de bewuste Kaptein Mobylette weer de geest Hij moest weer naar de reparateur. Oom Willem vroeg of ik dat wilde doen. Natuurlijk wilde ik dat, met in het vooruitzicht een brommende terugreis. Ik moest hem er zelf naar toe fietsen. Oom Willem had een afspraak gemaakt met de fietsenmaker dat ik zaterdag morgen zou komen. De fietsenmaker zou kijken wat er aan de hand was, kijken of hij het op dat moment kon repareren en dan zou ik ermee terug mogen rijden. 12 Km fietsen met de bromfiets dat viel niet mee.

Bij een Kaptein Mobylette wordt de aandrijving verzorgd door een V-snaar vanaf de motor naar het voorste kettingwiel. Bij het voorste kettingwiel zit een grote V-snaar schijf. Die kon je met een palletje uit zijn werk zetten en dan kon je er gewoon mee fietsen. Nou ja gewoon, het fietste erg zwaar, maar dat had ik er graag voor over, met in het vooruitzicht dat ik alleen terug mocht rijden. Dat terugrijden kon dan makkelijk met wat ommetjes. Ik nam 0,25 cent mee voor een extra halve liter benzine en ging die zaterdagmorgen op pad.

De fietsreis duurde best wel lang. Ik zal er zo ongeveer 2 uur over hebben gedaan, met een af en toe een pauze onderweg.  Met het terugbrommen in het vooruitzicht was het best te doen.

Zo jong, ben je daar? Dat viel zeker niet mee? Maar als ik hem nu kan repareren dan heb je iets leuks in het vooruitzicht.  Zo is ’t maar net, zei ik. Zullen wij dan samen maar even kijken wat het probleem is? Hij haalde de bougie eruit en keek of hij wilde vonken. Dat deed hij dus niet. Even een andere bougie proberen en die deed het ook niet. Nu wordt het wat moeilijker zei hij, mij een beetje bang makend, dan zal toch het vliegwiel eraf moeten om te kijken of er iets met de ontsteking aan de hand is.

Zo gezegd zo gedaan. Dat was voor mij de eerste ontsteking, die ik zag. Hij draaide de motor langzaam rond. De contactpunten gaan wel open en dicht, zei hij. Kijk zelf maar, draai de motor maar even rond, dan kun je het zien. Nu zullen wij eerst maar eens even controleren of de contactpunten wel schoon zijn. Hij pakte een transformator met daarop een lampje en twee kabels. De éne kant ging in het stopcontact en het lampje begon te branden. Kijk, zei hij, deze twee klemmetjes verbind ik met de contactpuntjes, één aan het hamertje en de andere aan het aambeeld. Als ik dan langzaam de motor ronddraai, dan moet het lampje uit- en aangaan. Hij deed dat en het lampje ging niet aan en uit, het bleef branden. Dat is niet goed, ik denk dat de contactpuntjes vuil zijn, dat ze geen goed contact maken. Even een schuurpapiertje ertussendoor halen. Zo gezegd zo gedaan. Nu eens kijken of dit geholpen heeft. En ja hoor, bij het ronddraaien van de motor ging het lampje aan en uit. Zo hoort het te werken. Vliegwiel er weer op vastzetten en draaien maar. De bougie vonkte een mooie blauwe vonk. Nu komt het toch nog voor elkaar, zei hij. Hij draaide de bougie erin. Probeer maar eens, zei hij. De Kaptein Mobylette startte meteen en liep als een trein.

Ik vond het toch allemaal wel spannend. Ik vroeg aan de fietsenmaker of hij nog een tweedehands bromfiets had. Wat mag die dan kosten, vroeg hij. Niet veel, zei ik. Kijk, zei hij, hier heb ik er nog een staan. Ik zal het goed met je maken, als jij hier, laten we zeggen acht zaterdag morgens de boel schoon komt maken en wat bromfietsen oppoetst, dan mag je hem hebben. Rijdt hij ook nog, vroeg ik enthousiast. Dat maken was samen voor elkaar, zei hij. Hij had er kennelijk ook lol in.
Dat doe ik. Hoe laat moet ik er ‘s zaterdags zijn, vroeg ik. Om 8 uur beginnen wij. Dan ben ik er ook, zei ik.

Nadat hij de tank volgegooid had, ik hoefde niet eens te betalen, ging ik op weg na hem vriendelijk bedankt te hebben. Dus na veel omweggetjes en zelfs nog een stukje crossbaan meegepakt te hebben kwam ik eindelijk thuis bij de bakker. Zo, zei hij lachend, is het allemaal gelukt? Kennelijk wel. En heb je nog wat rondjes gereden, vroeg hij lachend. Ja natuurlijk, zei ik, dit was de kans van mijn leven. Ik vertelde hem hoe het allemaal gegaan was en vooral dat ik zaterdag ’s morgens bij hem mocht werken en dat de betaling een Kaptein Mobylette zou zijn, als mijn vader dat tenminste goed vond. Mijn vader vond het goed onder één voorwaarde: ik mocht er niet mee op de openbare weg rijden. Zandwegen vielen daar niet onder, dacht ik.
Anekdotes
De eerste zaterdag was ik al om kwart voor acht in Almen maar gelukkig was de werkplaats al open, zo jong je bent er al vroeg bij, ja zij ik glurend maar die hele mooie  Kaptein Mobylette
helemaal achterin de zaak.
Zo zij hij begin maar met het opruimen van de werkbank, en als je gereedschap tegen komt dat je niet kent dan vraag je maar waarvoor het is, dan leg ik het je wel uit.
En er was nogal wat gereedschap dat ik niet kende, ik kende alleen maar gereedschap van de fietsenmaker bij mij uit de beurt waar ik na schooltijd vaak te vinden was.
Na het meeste opgeruimd te hebben en de bijzondere gereedschappen op zij gelegd, kwam ik dan toch met een niet goed durvende vraag, waar word dit gereedschap voor gebruikt, dat is moeilijk uit te legen zij hij, hoe doen we dat, weet je wat haal jouw Kapitein maar uit de hoek dan kunnen we het daar op uitproberen, hij zegt nu al jouw Kapitein, heb je enig idee wat je eerst moet gaan doen voordat je dit gereedschap kunt gebruiken, nee zij ik, draai eerst maar die vier moeren los die boven op de cilinder kop zitten en die 8 mm bouwt waar de twee beugels mee aan het frame vastzitten, kun je dat vroeg tie, ik denk het wel zij ik, zo mag ik het horen een goede bromfiets monteur zegt nooit dat i iets niet kan, ook niet bij grote twijfel van zijn kant, het enigste wat je moet doen bij twijfel is heel goed opletten hoe de dingen in elkaar zitten dan kun je altijd de weg terug vinden.
Pak het gereedschap dat je denkt nodig te zijn en begin, hij draaide zich om en liep weg, mij alleen latend met veel twijfels en een pracht bromfiets die ik moest gaan slopen door een stomme vraag te stellen waar dat gereedschap voor gebruikt werd.
Pistonpen treker.